blanda
zelfstandig naamwoord ˈblɑndaBetekenis
- (Nederlands-Indië) iemand uit Holland, Nederland of Europa
- (Nederlands-Indië) iemand uit Nederland of Europa die zich de cultuur van een tropisch land onvoldoende eigen heeft gemaakt
- mengen
Hoe spreek je blanda uit?
/ˈblɑnda/
Blanda bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| b | bak |
| l | land |
| ɑ | bad |
| n | nek |
| d | dak |
| a | maan |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — masculine
- iemand uit Holland, Nederland of Europa
- iemand uit Nederland of Europa die zich de cultuur van een tropisch land onvoldoende eigen heeft gemaakt pejorative
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| blanda's | meervoud |
Herkomst
via Indonesisch belanda van Portugees Holanda
Woordfamilie van blanda
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| blanda's | meervoud | blanda |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van blanda zijn vastgelegd.