binnenspiegel
zelfstandig naamwoordBetekenis
- achteruitkijkspiegel binnenin een voertuig
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| binnenspiegels | meervoud |
| binnenspiegeltje | verkleinwoord, enkelvoud |
| binnenspiegeltjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van binnen en spiegel
Woordfamilie van binnenspiegel
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| binnenspiegels | meervoud | binnenspiegel |
| binnenspiegeltje | verkleinwoord | binnenspiegel |
| binnenspiegeltjes | verkleinwoord meervoud | binnenspiegel |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van binnenspiegel zijn vastgelegd.