bindweefsel
zelfstandig naamwoord /ˈbɪntˌʋeːf.səl/Betekenis
- een vorm van weefsel dat deel uitmaakt van alle organen van het lichaam van mens en dier en een steunende, dan wel verzorgende functie heeft
Hoe spreek je bindweefsel uit?
/ˈbɪntˌwefsəl/
Bindweefsel bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| b | bak |
| ɪ | pit |
| n | nek |
| t | tak |
| w | quiz |
| e | veel |
| f | fiets |
| s | sok |
| ə | de |
| l | land |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| bindweefsels | meervoud |
Herkomst
samenstelling van bind ww en weefsel
Woordfamilie van bindweefsel
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| bindweefsels | meervoud | bindweefsel |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van bindweefsel zijn vastgelegd.