bijvangst
zelfstandig naamwoord 'bɛɪvɑŋstBetekenis
- vissen en andere dieren die een visser vangt zonder dat dit de bedoeling was; vangst zonder economische waarde
- toevalsbevinding bij een onderzoek
Hoe spreek je bijvangst uit?
/ˈbɛivɑŋst/
Bijvangst bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| b | bak |
| ɛi | trein |
| v | vis |
| ɑ | bad |
| ŋ | ding |
| s | sok |
| t | tak |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| bijvangsten | meervoud |
Herkomst
samenstelling van bij vz en vangst zn
Woordfamilie van bijvangst
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| bijvangsten | meervoud | bijvangst |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van bijvangst zijn vastgelegd.