bijkantoor
zelfstandig naamwoord 'bɛɪkɑntorBetekenis
- een filiaal van een hoofdkantoor
Hoe spreek je bijkantoor uit?
/ˈbɛikɑntor/
Bijkantoor bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| b | bak |
| ɛi | trein |
| k | kat |
| ɑ | bad |
| n | nek |
| t | tak |
| o | boot |
| r | rood |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| bijkantoortje | verkleinwoord, enkelvoud |
| bijkantoortjes | verkleinwoord, meervoud |
| bijkantoren | meervoud |
Herkomst
samenstelling van bij en kantoor
Woordfamilie van bijkantoor
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| bijkantoortje | verkleinwoord | bijkantoor |
| bijkantoortjes | verkleinwoord meervoud | bijkantoor |
| bijkantoren | meervoud | bijkantoor |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van bijkantoor zijn vastgelegd.