biaislint
zelfstandig naamwoord biˈjɛlɪntBetekenis
- een in drieën gevouwen reepje stof: een breder middenstuk met twee naar binnen gevouwen flapjes dat men gebruikt voor het afzomen van een weefsel
Hoe spreek je biaislint uit?
/biˈjɛlɪnt/
Biaislint bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| b | bak |
| i | riet |
| j | ja |
| ɛ | bed |
| l | land |
| ɪ | pit |
| n | nek |
| t | tak |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| biaislinten | meervoud |
Herkomst
uit het Frans
Woordfamilie van biaislint
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| biaislinten | meervoud | biaislint |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van biaislint zijn vastgelegd.