bestuursrechter
zelfstandig naamwoord bə'styrsrɛxtərBetekenis
- rechter belast met de rechtspraak t.a.v. het bestuursrecht
Hoe spreek je bestuursrechter uit?
/bəˈstyrsrɛxtər/
Bestuursrechter bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| b | bak |
| ə | de |
| s | sok |
| t | tak |
| y | fuut |
| r | rood |
| ɛ | bed |
| x | acht |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| bestuursrechters | meervoud |
| bestuursrechtertje | verkleinwoord, enkelvoud |
| bestuursrechtertjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van bestuur en rechter met het invoegsel -s-
Woordfamilie van bestuursrechter
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| bestuursrechters | meervoud | bestuursrechter |
| bestuursrechtertje | verkleinwoord | bestuursrechter |
| bestuursrechtertjes | verkleinwoord meervoud | bestuursrechter |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van bestuursrechter zijn vastgelegd.