bestuursrecht
zelfstandig naamwoord bə'styrsrɛxtBetekenis
- het geheel van rechtsregels die de bestuurlijke bedrijvigheid beheersen van overheidsorganen die tot de uitvoerende macht behoren. Het is onderdeel van het publiekrecht.
Hoe spreek je bestuursrecht uit?
/bəˈstyrsrɛxt/
Bestuursrecht bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| b | bak |
| ə | de |
| s | sok |
| t | tak |
| y | fuut |
| r | rood |
| ɛ | bed |
| x | acht |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — neuter
- het geheel van rechtsregels die de bestuurlijke bedrijvigheid beheersen van overheidsorganen die tot de uitvoerende macht behoren, als onderdeel van het publiekrecht
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| bestuursrechten | meervoud |
| bestuursrechtje | verkleinwoord, enkelvoud |
| bestuursrechtjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van bestuur en recht met het invoegsel -s-
Woordfamilie van bestuursrecht
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| bestuursrechten | meervoud | bestuursrecht |
| bestuursrechtje | verkleinwoord | bestuursrecht |
| bestuursrechtjes | verkleinwoord meervoud | bestuursrecht |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van bestuursrecht zijn vastgelegd.