belegen
werkwoord, bijvoeglijk naamwoordBetekenis
- lang of een voldoende tijd gelegen hebbend
- niet langer actueel maar ook niet totaal verouderd
- (van kaas) geruime tijd in een pekelbad behandeld en daarna 16-18 weken gerijpt (of 7-8 maanden voor extra belegen)
Woordvorm
- voltooid deelwoord van beliggen
Vervoeging van belegen
belegenhele werkwoord
bijvoeglijk naamwoord
- geruime tijd in een pekelbad behandeld en daarna 16-18 weken gerijpt (of 7-8 maanden voor extra belegen)
Herkomst
*vervoeging van beliggen: de stam met de uitgang -en, zonder ge- vanwege voorvoegsel (is gelijk aan de onbepaalde wijs) maar met een klinkerwisseling i-e (IPAː /ɪ/ - /e/) *afgeleid van beliggen
Woordfamilie van belegen
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| belegener | woordvorm | belegen |
| belegeners | woordvorm | belegen |
| belegens | woordvorm | belegen |
| belegenst | woordvorm | belegen |
| belegenste | woordvorm | belegen |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van belegen zijn vastgelegd.