beklaagdenbank
zelfstandig naamwoordBetekenis
- zitplaats ('bank') waarin bij een strafzaak de beklaagde zit
zelfstandig naamwoord — feminine, masculine
- zitplaats ("bank") waarin bij een strafzaak de beklaagde zit
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| beklaagdenbanken | meervoud |
| beklaagdenbankje | verkleinwoord, enkelvoud |
| beklaagdenbankjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van beklaagde en bank met het invoegsel -n-
Woordfamilie van beklaagdenbank
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| beklaagdenbanken | meervoud | beklaagdenbank |
| beklaagdenbankje | verkleinwoord | beklaagdenbank |
| beklaagdenbankjes | verkleinwoord meervoud | beklaagdenbank |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van beklaagdenbank zijn vastgelegd.