banjer
zelfstandig naamwoord, werkwoordBetekenis
- (Bargoens) patser
zelfstandig naamwoord — masculine
- patser
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| banjers | meervoud |
Woordvorm
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van banjeren
- gebiedende wijs van banjeren
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van banjeren
Vervoeging van banjer
banjerhele werkwoord
Woordfamilie van banjer
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| banjers | meervoud | banjer |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van banjer zijn vastgelegd.