bachelor
zelfstandig naamwoord /ˈbɛtʃələr/Betekenis
- academische titel, te behalen na drie tot vijf jaar hoger onderwijs
- iemand die de graad van bachelor heeft behaald
- vrijgezel
- een academische graad
Hoe spreek je bachelor uit?
/ˈbɛtʃələr/
Bachelor bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| b | bak |
| ɛ | bed |
| t | tak |
| ʃ | sjaal |
| ə | de |
| l | land |
| r | rood |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — masculine
- iemand die de onder [1] genoemde graad heeft behaald
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| bachelors | meervoud |
Herkomst
van Engels bachelor, een academische graad
Woordfamilie van bachelor
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| bachelors | meervoud | bachelor |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van bachelor zijn vastgelegd.