autorit
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een reisje met de auto
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| autoritje | verkleinwoord, enkelvoud |
| autoritjes | verkleinwoord, meervoud |
| autoritten | meervoud |
Herkomst
samenstelling van auto en rit
Woordfamilie van autorit
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| autoritje | verkleinwoord | autorit |
| autoritjes | verkleinwoord meervoud | autorit |
| autoritten | meervoud | autorit |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van autorit zijn vastgelegd.