aperitief
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een eetlust opwekkende alcoholische drank die voor de maaltijd genuttigd wordt
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| aperitiefje | verkleinwoord, enkelvoud |
| aperitiefjes | verkleinwoord, meervoud |
| aperitieven | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘drank voor de maaltijd’ voor het eerst aangetroffen in 1895
Woordfamilie van aperitief
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| aperitiefje | verkleinwoord | aperitief |
| aperitiefjes | verkleinwoord meervoud | aperitief |
| aperitieven | meervoud | aperitief |
| aperitievende | woordvorm | aperitieven |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van aperitief zijn vastgelegd.