afzetmarkt
zelfstandig naamwoord ˈɑfsɛtmɑrktBetekenis
- markt waar een product of dienst kan worden afgezet
Hoe spreek je afzetmarkt uit?
/ˈɑfsɛtmɑrkt/
Afzetmarkt bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| ɑ | bad |
| f | fiets |
| s | sok |
| ɛ | bed |
| t | tak |
| m | maan |
| r | rood |
| k | kat |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| afzetmarkten | meervoud |
| afzetmarktje | verkleinwoord, enkelvoud |
| afzetmarktjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van afzet en markt
Woordfamilie van afzetmarkt
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| afzetmarkten | meervoud | afzetmarkt |
| afzetmarktje | verkleinwoord | afzetmarkt |
| afzetmarktjes | verkleinwoord meervoud | afzetmarkt |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van afzetmarkt zijn vastgelegd.