aftelling
zelfstandig naamwoord ˈɑftɛlɪŋBetekenis
- het naar beneden tellen om aan te geven hoelang het nog duurt voordat iets gaat gebeuren
- van een getal naar beneden tellen tot een lager getal
Hoe spreek je aftelling uit?
/ˈɑftɛlɪŋ/
Aftelling bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| ɑ | bad |
| f | fiets |
| t | tak |
| ɛ | bed |
| l | land |
| ɪ | pit |
| ŋ | ding |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| aftellingen | meervoud |
Herkomst
Naamwoord van handeling van aftellen met het achtervoegsel -ing
Woordfamilie van aftelling
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| aftellingen | meervoud | aftelling |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van aftelling zijn vastgelegd.