afkleden
werkwoordBetekenis
- kleding die goed afkleedt maakt je mooier
Vervoeging van afkleden
afkledenhele werkwoord
Herkomst
samenstelling van af en kleden
Woordfamilie van afkleden
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| afgeklede | woordvorm | afkleden |
| afgekleed | woordvorm | afkleden |
| afklede | with-subordinate-clause | afkleden |
| afkledend | woordvorm | afkleden |
| afkledende | woordvorm | afkleden |
| afkleed | with-subordinate-clause | afkleden |
| afkleedde | with-subordinate-clause | afkleden |
| afkleedden | with-subordinate-clause | afkleden |
| afkleedt | with-subordinate-clause | afkleden |
| klede af | woordvorm | afkleden |
| kleden af | woordvorm | afkleden |
| kleed af | woordvorm | afkleden |
| kleedde af | woordvorm | afkleden |
| kleedden af | woordvorm | afkleden |
| kleedt af | woordvorm | afkleden |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van afkleden zijn vastgelegd.