aanzakken
werkwoordBetekenis
- op een slappe langzame manier ergens aankomen of ergens mee aankomen
Vervoeging van aanzakken
aanzakkenhele werkwoord
Herkomst
samenstelling van aan bw en zakken ww
Woordfamilie van aanzakken
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| aangezakt | woordvorm | aanzakken |
| aanzak | with-subordinate-clause | aanzakken |
| aanzakke | with-subordinate-clause | aanzakken |
| aanzakkend | woordvorm | aanzakken |
| aanzakkende | woordvorm | aanzakken |
| aanzakt | with-subordinate-clause | aanzakken |
| aanzakte | with-subordinate-clause | aanzakken |
| aanzakten | with-subordinate-clause | aanzakken |
| zak aan | woordvorm | aanzakken |
| zakke aan | woordvorm | aanzakken |
| zakken aan | woordvorm | aanzakken |
| zakt aan | woordvorm | aanzakken |
| zakte aan | woordvorm | aanzakken |
| zakten aan | woordvorm | aanzakken |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van aanzakken zijn vastgelegd.