Naar de inhoud

aanhoorder

luisteraar, toehoorder, hoorder

aanhoorder

zelfstandig naamwoord ˈanhordər

Betekenis

  1. luisteraar, toehoorder, hoorder

Hoe spreek je aanhoorder uit?

/ˈanhordər/

Aanhoorder bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈanhordər/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
a maan
n nek
h hoed
o boot
r rood
d dak
ə de
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)

Vorm Grammaticale informatie
aanhoorders meervoud

Herkomst

naamwoord van handeling van aanhoren met het achtervoegsel -der

Woordfamilie van aanhoorder

Woordvorm Relatie Afgeleid van
aanhoorders meervoud aanhoorder

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van aanhoorder zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over aanhoorder

Hoe spreek je aanhoorder uit?
De uitspraak van aanhoorder is: /ˈanhordər/. Dit is het internationaal fonetisch alfabet, waarmee elke klank apart wordt genoteerd. Het teken ˈ geeft de klemtoon aan: de nadruk valt op de eerste lettergreep.
Wat betekent aanhoorder?
Aanhoorder is een zelfstandig naamwoord. Het woord betekent: luisteraar, toehoorder, hoorder.
Hoe verbuig je aanhoorder?
Bij aanhoorder geldt: het meervoud is aanhoorders. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord aanhoorder is 16 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. A 1
  2. A 1
  3. N 1
  4. H 4
  5. O 1
  6. O 1
  7. R 2
  8. D 2
  9. E 1
  10. R 2
  11. 16 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

aanhoorder levert met Wordfeud minimaal 16 en maximaal 72 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. A 1
  2. A 1
  3. N 1
  4. H 4
  5. O 1
  6. O 1
  7. R 2
  8. D 2
  9. E 1
  10. R 2
  11. 16 zonder bonus
  12. 72 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (H) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

aanhoorder: luisteraar, toehoorder, hoorder
Deel aanhoorder — standaardnederlands.nl