zoutvaatje
zelfstandig naamwoord /ˈzɑutˌvacə/Betekenis
- het deel van het tafelgarnituur dat het zout bevat
Hoe spreek je zoutvaatje uit?
/ˈzɑutˌvacə/
Zoutvaatje bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| z | zon |
| ɑu | koud |
| t | tak |
| v | vis |
| a | maan |
| c | tientje |
| ə | de |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
zelfstandig naamwoord — neuter
- alleen verkleinwoord bakje met een geperforeerde bovenkant voor het strooien en bevatten van keukenzout
Woordvorm
- verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord zoutvat
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| (zoutvat) | |
| (zoutvaten) | enkelvoud |
| zoutvaatjes | verkleinwoord, enkelvoud |
Herkomst
afgeleid van zoutvat met het achtervoegsel -je met klinkerverlenging /ɑ/ naar /a/, op te vatten als samenstelling van zout zn en vaatje zn