zomerzotheid
zelfstandig naamwoordBetekenis
- dwaasheid, tropenkolder
- dwaze verliefdheid
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| zomerzotheden | meervoud |
Herkomst
samenstelling van zomer zn en zotheid zn
Woordfamilie van zomerzotheid
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| zomerzotheden | meervoud | zomerzotheid |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van zomerzotheid zijn vastgelegd.