zo
bijwoord, tussenwerpsel, zelfstandig naamwoord zoBetekenis
- op die manier
- over niet al te lange tijd
- uiting van verbazing en/of misnoegen
- zondag, de tweede dag van het weekeinde
Hoe spreek je zo uit?
/zo/
Zo bestaat uit één lettergreep.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| z | zon |
| o | boot |
Verbuiging en vervoeging (bijwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| zoo |
Herkomst
bw: erfwoord via Middelnederlands so van Oudnederlands so, in de betekenis van ‘bijwoord van hoedanigheid: op die manier, als’ aangetroffen vanaf 901