zedelijk
bijvoeglijk naamwoordBetekenis
- zoals het volgens normen en waarden behoort
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| zedelijke | verbogen, stellende trap |
| zedelijker | onverbogen, vergrotende trap |
| zedelijkere | verbogen, vergrotende trap |
| zedelijkers | partitief, vergrotende trap |
| zedelijks | partitief, stellende trap |
| zedelijkst | onverbogen, overtreffende trap |
| zedelijkste | verbogen, overtreffende trap |
Herkomst
afgeleid van zede met het achtervoegsel -lijk
Woordfamilie van zedelijk
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| zedelijke | verbogen vorm | zedelijk |
| zedelijker | vergrotende trap | zedelijk |
| zedelijkere | verbogen vergrotende trap | zedelijk |
| zedelijkers | partitieve vergrotende trap | zedelijk |
| zedelijks | partitive, positive | zedelijk |
| zedelijkst | uninflected, superlative | zedelijk |
| zedelijkste | inflected, superlative | zedelijk |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van zedelijk zijn vastgelegd.