zaakgelastigde
zelfstandig naamwoord, bijvoeglijk naamwoord /'zakxə'lɑstəxdə/Betekenis
- een persoon die de volmacht gekregen heeft in naam van een ander een zaak te behartigen
Hoe spreek je zaakgelastigde uit?
/ˈzakxəˈlɑstəxdə/
Zaakgelastigde bestaat uit vijf lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| z | zon |
| a | maan |
| k | kat |
| x | acht |
| ə | de |
| l | land |
| ɑ | bad |
| s | sok |
| t | tak |
| d | dak |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| zaakgelastigden | meervoud |
Woordvorm
- verbogen vorm van de stellende trap van zaakgelastigd
Herkomst
samenstelling van zaak zn en gelastigde zn
Woordfamilie van zaakgelastigde
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| zaakgelastigden | meervoud | zaakgelastigde |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van zaakgelastigde zijn vastgelegd.