werkvisum
zelfstandig naamwoordBetekenis
- document dat een buitenlander het recht geeft in een land te zijn en daar te werken
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| werkvisa | meervoud |
| werkvisums | meervoud |
Herkomst
samenstelling van werk zn en visum zn
Woordfamilie van werkvisum
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| werkvisa | meervoud | werkvisum |
| werkvisums | meervoud | werkvisum |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van werkvisum zijn vastgelegd.