voorbereidingstijd
zelfstandig naamwoordBetekenis
- periode die men nodig heeft om zich op een gebeurtenis of handeling te prepareren
- periode die men kan gebruiken om zich op een gebeurtenis of handeling te prepareren
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| voorbereidingstijden | meervoud |
Herkomst
samenstelling van voorbereiding zn en tijd zn met het invoegsel -s-
Woordfamilie van voorbereidingstijd
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| voorbereidingstijden | meervoud | voorbereidingstijd |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van voorbereidingstijd zijn vastgelegd.