verzot
bijvoeglijk naamwoord, werkwoordBetekenis
- verdwaasd, zijnde buiten zinnen
- gek zijn op, iets heel fijn of lekker vinden
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| verzots | partitief, stellende trap |
| verzotst | onverbogen, overtreffende trap |
| verzotste | verbogen, overtreffende trap |
| verzotte | verbogen, stellende trap |
| verzotter | onverbogen, vergrotende trap |
| verzottere | verbogen, vergrotende trap |
| verzotters | partitief, vergrotende trap |
Woordvorm
- enkelvoud tegenwoordige tijd van verzotten
- gebiedende wijs van verzotten
- voltooid deelwoord van verzotten
Vervoeging van verzot
verzothele werkwoord
Herkomst
*vervoeging van verzotten: de stam zonder -t omdat de stam al op -t eindigt en zonder ge- vanwege voorvoegsel
Woordfamilie van verzot
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| verzots | partitive, positive | verzot |
| verzotst | uninflected, superlative | verzot |
| verzotste | inflected, superlative | verzot |
| verzotter | vergrotende trap | verzot |
| verzottere | verbogen vergrotende trap | verzot |
| verzotters | partitieve vergrotende trap | verzot |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van verzot zijn vastgelegd.