velodroom
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een ovale piste speciaal gebouwd voor baanwielrennen
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| velodromen | meervoud |
| velodrooms | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘wielerbaan’ voor het eerst aangetroffen in 1895
Woordfamilie van velodroom
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| velodromen | meervoud | velodroom |
| velodrooms | meervoud | velodroom |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van velodroom zijn vastgelegd.