uitrafelen
werkwoordBetekenis
- vanaf de randen van een weefsel uit elkaar halen
- vanaf de randen uit elkaar vallen
Vervoeging van uitrafelen
uitrafelenhele werkwoord
Herkomst
samenstelling van uit bw en rafelen ww
Woordfamilie van uitrafelen
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| rafel uit | woordvorm | uitrafelen |
| rafelde uit | woordvorm | uitrafelen |
| rafelden uit | woordvorm | uitrafelen |
| rafele uit | woordvorm | uitrafelen |
| rafelen uit | woordvorm | uitrafelen |
| rafelt uit | woordvorm | uitrafelen |
| uitgerafeld | woordvorm | uitrafelen |
| uitgerafelde | woordvorm | uitrafelen |
| uitrafel | with-subordinate-clause | uitrafelen |
| uitrafelde | with-subordinate-clause | uitrafelen |
| uitrafelden | with-subordinate-clause | uitrafelen |
| uitrafele | with-subordinate-clause | uitrafelen |
| uitrafelend | woordvorm | uitrafelen |
| uitrafelende | woordvorm | uitrafelen |
| uitrafelt | with-subordinate-clause | uitrafelen |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van uitrafelen zijn vastgelegd.