truïsme
zelfstandig naamwoordBetekenis
- gemeenplaats, vanzelfsprekendheid
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| truïsmen | meervoud |
Herkomst
uit het Frans, afgeleid van true (waar) met het achtervoegsel -isme
Woordfamilie van truïsme
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| truïsmen | meervoud | truïsme |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van truïsme zijn vastgelegd.