troonzaal
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een ruimte in een koninklijk paleis waar de monarch in vroeger tijden hof hield
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| troonzalen | meervoud |
Herkomst
samenstelling van troon en zaal
Woordfamilie van troonzaal
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| troonzalen | meervoud | troonzaal |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van troonzaal zijn vastgelegd.