trekpad
zelfstandig naamwoordBetekenis
- voetpaden waarover men een tocht kan maken van de ene naar de andere plaats
- het pad waarover het paard loopt dat een trekschuit voorttrekt
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| trekpaden | meervoud |
Herkomst
samenstelling van trekken ww en pad zn
Woordfamilie van trekpad
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| trekpaden | meervoud | trekpad |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van trekpad zijn vastgelegd.