trafiek
zelfstandig naamwoordBetekenis
- het transport van goederen, data, of personen
- een pre-industrieel veredelingsbedrijf, waar plantaardige of minerale grondstoffen, vaak van exotische herkomst, werden geraffineerd en/of gemengd (tot een melange)
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| trafieken | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Frans: trafique
Woordfamilie van trafiek
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| trafieken | meervoud | trafiek |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van trafiek zijn vastgelegd.