tonisch
bijvoeglijk naamwoordBetekenis
- met betrekking tot (spier)spanning
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| tonische | verbogen, stellende trap |
| tonischer | onverbogen, vergrotende trap |
| tonischere | verbogen, vergrotende trap |
| tonischers | partitief, vergrotende trap |
Herkomst
Leenwoord uit het Duits of Frans, in de betekenis van ‘spanning vertonend’ voor het eerst aangetroffen in 1922
Woordfamilie van tonisch
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| tonische | verbogen vorm | tonisch |
| tonischer | vergrotende trap | tonisch |
| tonischere | verbogen vergrotende trap | tonisch |
| tonischers | partitieve vergrotende trap | tonisch |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van tonisch zijn vastgelegd.