telganger
zelfstandig naamwoord ˈtɛlɣɑŋərBetekenis
- dier (paard) dat in telgang gaat
Hoe spreek je telganger uit?
/ˈtɛlxɑŋər/
Telganger bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| t | tak |
| ɛ | bed |
| l | land |
| x | acht |
| ɑ | bad |
| ŋ | ding |
| ə | de |
| r | rood |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| telgangers | meervoud |
Herkomst
In de betekenis van ‘dier dat bij het draven afwisselend de rechter- en linkerpoten gelijk verzet’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1724
Woordfamilie van telganger
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| telgangers | meervoud | telganger |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van telganger zijn vastgelegd.