tantum
zelfstandig naamwoord ˈtɑntʏmBetekenis
- bepaalde hoeveelheid geld
- slechts
- zoveel
- zozeer
Hoe spreek je tantum uit?
/ˈtɑntʏm/
Tantum bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| t | tak |
| ɑ | bad |
| n | nek |
| ʏ | put |
| m | maan |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| tantums | meervoud |
Herkomst
van Latijn tantum
Woordfamilie van tantum
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| tantums | meervoud | tantum |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van tantum zijn vastgelegd.