synoptisch
bijvoeglijk naamwoordBetekenis
- betreffende de weersituatie over een groot gebied
- de drie evangelies die een grote overeenkomst met elkaar hebben
- overzicht gevend
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| synoptische | verbogen, stellende trap |
| synoptischer | onverbogen, vergrotende trap |
| synoptischere | verbogen, vergrotende trap |
| synoptischers | partitief, vergrotende trap |
Herkomst
afleiding van synopsis met het achtervoegsel -isch
Woordfamilie van synoptisch
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| synoptische | verbogen vorm | synoptisch |
| synoptischer | vergrotende trap | synoptisch |
| synoptischere | verbogen vergrotende trap | synoptisch |
| synoptischers | partitieve vergrotende trap | synoptisch |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van synoptisch zijn vastgelegd.