strosnijder
zelfstandig naamwoord ˈstrosnɛidərBetekenis
- werktuig dat droge halmen van graangewassen met een mes in kleinere stukken deelt voor verdere verwerking
- iemand die droge halmen van graangewassen in kleinere stukken deelt om ze aan dieren te voeren
- (meestal voorafgegaan door een bijvoeglijk naamwoord) gemoedelijke aanspreekvorm of licht minachtende aanduiding
Hoe spreek je strosnijder uit?
/ˈstrosnɛidər/
Strosnijder bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| s | sok |
| t | tak |
| r | rood |
| o | boot |
| n | nek |
| ɛi | trein |
| d | dak |
| ə | de |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — masculine
- gemoedelijke aanspreekvorm of licht minachtende aanduiding figuratively, informal
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| strosnijders | meervoud |
| strosnijer |
Herkomst
samenstelling van stro zn en snijder zn
Woordfamilie van strosnijder
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| strosnijders | meervoud | strosnijder |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van strosnijder zijn vastgelegd.