strandwacht
zelfstandig naamwoord ˈstrɑntwɑxtBetekenis
- iemand die toezicht houdt bij stranden, verdrinkende mensen redt en de orde handhaaft
- organisatie die zorgt voor de veiligheid op het strand
Hoe spreek je strandwacht uit?
/ˈstrɑntwɑxt/
Strandwacht bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| s | sok |
| t | tak |
| r | rood |
| ɑ | bad |
| n | nek |
| w | quiz |
| x | acht |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| strandwachten | meervoud |
Herkomst
samenstelling van strand zn en wacht zn
Woordfamilie van strandwacht
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| strandwachten | meervoud | strandwacht |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van strandwacht zijn vastgelegd.