straffe
werkwoord, zelfstandig naamwoord, bijvoeglijk naamwoordBetekenis
- bijvorm van straf in: op straffe van — met de bijbehorende straf van
Woordvorm
- aanvoegende wijs van straffen
Vervoeging van straffe
straffehele werkwoord
zelfstandig naamwoord
- bijvorm van straf in: op straffe van — met de bijbehorende straf van
Woordvorm
- verbogen vorm van de stellende trap van straf