stemgember
zelfstandig naamwoordBetekenis
- de fijnste soort van gember
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| stemgembers | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘de fijnste soort van gember’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1934
Woordfamilie van stemgember
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| stemgembers | meervoud | stemgember |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van stemgember zijn vastgelegd.