spreekvaardigheid
zelfstandig naamwoordBetekenis
- het kunnen spreken zodanig dat een ander kan begrijpen je iemand zegt
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| spreekvaardigheden | meervoud |
Herkomst
samenstelling van spreek en vaardigheid
Woordfamilie van spreekvaardigheid
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| spreekvaardigheden | meervoud | spreekvaardigheid |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van spreekvaardigheid zijn vastgelegd.