settelen
werkwoordBetekenis
- je op een nieuwe plaats gaan vestigen en thuisvoelen
- zaken een vaste plaats geven en permanent regelen
werkwoord
- je op een nieuwe plaats gaan vestigen en thuis voelen
Vervoeging van settelen
settelenhele werkwoord
Herkomst
Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘vestigen’ voor het eerst aangetroffen in 1956
Woordfamilie van settelen
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| settel | woordvorm | settelen |
| settelde | woordvorm | settelen |
| settelden | woordvorm | settelen |
| settele | woordvorm | settelen |
| settelend | woordvorm | settelen |
| settelende | woordvorm | settelen |
| settelt | woordvorm | settelen |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van settelen zijn vastgelegd.