scheerling
zelfstandig naamwoordBetekenis
- o.a. benaming voor de waterscheerling
zelfstandig naamwoord — feminine, masculine
- Cicuta virosa o.a. benaming voor de waterscheerling
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| scheerlingen | meervoud |
Herkomst
In de betekenis van ‘plant’ voor het eerst aangetroffen in 1240
Woordfamilie van scheerling
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| scheerlingen | meervoud | scheerling |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van scheerling zijn vastgelegd.