scheepsvolk
zelfstandig naamwoordBetekenis
- de bemanning van een schip
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| scheepsvolken | meervoud |
| scheepsvolkeren | meervoud |
Herkomst
samenstelling van schip zn en volk zn met het invoegsel -s- met klankverandering i - ee (IPA: /ɪ/ -/e/)
Woordfamilie van scheepsvolk
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| scheepsvolken | meervoud | scheepsvolk |
| scheepsvolkeren | meervoud | scheepsvolk |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van scheepsvolk zijn vastgelegd.