schatrijk
bijvoeglijk naamwoord ˈsxatrɛikBetekenis
- heel erg rijk, alsof diegene een schat bezit
- tweede betekenisomschrijving
Hoe spreek je schatrijk uit?
/ˈsxatrɛik/
Schatrijk bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| s | sok |
| x | acht |
| a | maan |
| t | tak |
| r | rood |
| ɛi | trein |
| k | kat |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| schatrijke | verbogen, stellende trap |
| schatrijker | onverbogen, vergrotende trap |
| schatrijkere | verbogen, vergrotende trap |
| schatrijkers | partitief, vergrotende trap |
| schatrijks | partitief, stellende trap |
| schatrijkst | onverbogen, overtreffende trap |
| schatrijkste | verbogen, overtreffende trap |
Herkomst
In de betekenis van ‘zeer rijk’ voor het eerst aangetroffen in 1635
Woordfamilie van schatrijk
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| schatrijke | verbogen vorm | schatrijk |
| schatrijker | vergrotende trap | schatrijk |
| schatrijkere | verbogen vergrotende trap | schatrijk |
| schatrijkers | partitieve vergrotende trap | schatrijk |
| schatrijks | partitive, positive | schatrijk |
| schatrijkst | uninflected, superlative | schatrijk |
| schatrijkste | inflected, superlative | schatrijk |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van schatrijk zijn vastgelegd.