scala
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een hele reeks van mogelijkheden die slechts weinig van elkaar verschillen
- spectrum, keuze, serie, gamma
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| scala's | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Italiaans, in de betekenis van ‘reeks’ voor het eerst aangetroffen in 1772
Woordfamilie van scala
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| scala's | meervoud | scala |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van scala zijn vastgelegd.