roodborstje
zelfstandig naamwoord ˈrodbɔrs(t)jəBetekenis
- een vrij gedrongen vogeltje met opvallende bruinrode keel
Hoe spreek je roodborstje uit?
/ˈrodbɔrstjə/
Roodborstje bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| r | rood |
| o | boot |
| d | dak |
| b | bak |
| ɔ | bot |
| s | sok |
| t | tak |
| j | ja |
| ə | de |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord
- bepaald soort vrij gedrongen vogeltje met opvallende bruinrode keel, Erithacus rubecula
Woordvorm
- verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord roodborst
Herkomst
afgeleid van roodborst zn met het achtervoegsel -je **[2] in de betekenis van ‘zangvogel’ aangetroffen vanaf 1494