receiver
zelfstandig naamwoordBetekenis
- ontvanger
- apparaat voor het ontvangen van signalen
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| receivers | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘ontvanger’ voor het eerst aangetroffen in 1912
Woordfamilie van receiver
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| receivers | meervoud | receiver |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van receiver zijn vastgelegd.