rader
zelfstandig naamwoord, werkwoordBetekenis
- raadgever, raadsman
Woordvorm
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van raderen
- gebiedende wijs van raderen
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van raderen
Vervoeging van rader
raderhele werkwoord
Herkomst
Naamwoord van handeling van raden met het achtervoegsel -er